Bar 12

Hij gaat weer zitten voor de blues, weet nog hoe het moet, hij heeft immers maar pas geleden. Zijn verleden haalt hem gemakkelijk in, het winnen gaat wat stroef. Alle begin is moeilijk, niet veel later valt het doek.

Hij kan weer toeven aan haar toog, zwelgen in eenvoud en pogen te geloven dat ze loog. Ook zou hij haar zeker kunnen haten, kraakt zijn betoog met waterige ogen uit een rokerige saxofoon. De toon van verkeerd verbonden. En zijn verdiende loon.

Er komt al jaren geen licht meer door de ramen, ze bestaan er spaarzaam toch enkel en alleen, geen namen. Hij kraamt de gebruikelijke nonsense zonder tegenzin, tegen beter weten in en laat hen samen. Een voornaam besluit dat niemand kan beamen.

Hij haalt zijn schouders op.

Dit artikel is geplaatst in Schrijfsels vanuit het donker, Schrijfsels vanuit het licht en getagged . Bookmark hier de permalink.

Geef een reactie