Zand erover

De armen keren in de houding, een stramme vertrouweling aan wiens oude botten hij zijn dromen hing. Hij ving hen aan en nam stelling in het belang. Zo kwam het spaarzame licht tot stilstand, bang dat dit het is. Hij mist haar, wis en ook zeker waarachtig. Zij dacht en hij zag dat, en mag haar mogelijk nog meer.

Zij keert zich, staaft dit beheerst met een bewering en leert hem gevolgzaam zijn les. Het gewenste effect blijft uit lijkt zij later te besluiten. De overtuiging druipt af in een laffe smaak van bitter. Hij zit ermee in de maag en zou haar graag aan zijn schuld willen wagen, als ogen achteloos vragen naar de dagen die zij dansten.

In de rijkdom van de kansen en de warmte van haar handen leek de vlucht ten einde, dacht hij te landen.

Geen verstandig verband.



Dit artikel is geplaatst in Schrijfsels vanuit het licht en getagged . Bookmark hier de permalink.

Geef een reactie