Verzwijgen

Hij gokt niet op een tweede kans en danst nu harder dan tevoren, hij hoort de sporen krijsen en de wijsheid verloren rennen in zijn richting. De verplichting verlicht zienderogen terwijl hij schreeuwt dat het niet om hem gaat, dat het los staat van wie hij was en past het verschil.

Uit vrije wil en oprecht verlangen hangt hij zijn haren aan de wilde wilgen. De stille rillingen verplaatsen zich en binnen blijft het kil. Met wat rest van schoonheid in het licht dat zienderogen falen zal zijn de armen rijk beladen en dwalen kalm naar de klamme stallen waar schaamte zich verschanst. De lege handen kansloos in los verband en brandend in zoute ogen.

Hij loopt met de laatste gelovigen, zijn weg.

De waarde maakt zich genoeglijk bekend, de helden verzwegen en de rest zal vast wennen, zo beseft hij waarlijk en zeer. De geleerden vermannen zich als heren van stand, de handen ineen en de verbanden smedend aan morgen. Geen vorig verlies waaraan zij zich storen noch stoten, het lot besloten in wil en geloof. Doof voor kunstig vermanen of schaamte alom, zij sterven voor vrijheid, alleen nog daarom.



Dit artikel is geplaatst in Schrijfsels vanuit het donker en getagged , , , . Bookmark hier de permalink.

Geef een reactie